De zool die standaard in je hardloopschoen zit, is meestal niet meer dan een dun laagje schuim. Prima om de schoen mee af te maken, maar voor je voet doet hij weinig. Een goede hardloopzool doet meer: hij ondersteunt de natuurlijke beweging van je voet, vangt de klap op bij elke landing en houdt energie vast die je anders verliest. Welke zool bij jou past, hangt af van vier dingen: je voetboog, de afstand die je loopt, de ondergrond waarop je traint en de schoen waarin de zool moet.
1. Begin bij je voetboog
Je voetboog bepaalt hoe je gewicht zich over je voet verdeelt en hoeveel van de klap je voet zelf opvangt. Je hoeft hier geen specialist voor te zijn om een eerste indruk te krijgen. Maak de onderkant van je voet nat, ga even op een droge tegel staan en kijk naar de afdruk die je achterlaat.
- Zie je bijna je hele voetzool: een lage boog. Je voet kantelt vaak naar binnen en vraagt om sturende ondersteuning.
- Zie je een duidelijke band tussen hak en bal: een neutrale boog. De meeste zolen passen, kies op demping en gevoel.
- Zie je alleen een smalle strook: een hoge boog. Je voet vangt minder klap zelf op en heeft baat bij extra demping.
2. Houd rekening met je afstand
Hoe langer je loopt, hoe meer herhaalde klappen je voeten te verwerken krijgen. Voor korte, snelle trainingen telt vooral een stabiele, responsieve zool die niet doorzakt. Voor lange duurlopen weegt demping zwaarder: je wilt op kilometer twintig nog dezelfde steun voelen als op kilometer twee.
3. Ondergrond bepaalt mee
Asfalt geeft harde, voorspelbare klappen en vraagt om demping. Bos en trail zijn zachter, maar oneffen, dus daar telt grip en stabiliteit meer. Loop je afwisselend, kies dan een zool die neigt naar demping. Dat is op hard asfalt het verschil dat je voeten het langst voelen.
4. De zool moet in je schoen passen
Een zool werkt alleen als hij goed ligt. Onze zolen komen in hele EU-maten, dus je kiest gewoon je eigen maat. Haal de originele zool uit je schoen en leg de ARCSOLE-zool op zijn plek. Twijfel je tussen twee maten, kies dan de maat van je schoen.
5. Onze keuze per situatie
Geen zool is voor iedereen de beste. Dit is waar we naartoe sturen op basis van afstand en boog. Begin hier, en pas aan op gevoel.
| Situatie | Voetboog | Aanbevolen zool |
|---|---|---|
| Lange duurlopen op asfalt | Neutraal | MYSOLE Sport Running |
| Lage of hoge voetboog | Laag / hoog | MYSOLE Sport Arch Low / High |
| Net begonnen, rustige kilometers | Wisselend | MYSOLE Daily Running |
Voor afstand op asfalt

Voor toegankelijke kilometers

De juiste zool maakt je niet sneller. Hij zorgt dat je op de laatste kilometer nog net zo loopt als op de eerste.
Tot slot, eerlijk: houd je pijn die blijft terugkomen, dan is een zool niet het antwoord. Loop dan eerst even langs een podotherapeut. Een goede zool helpt een gezonde voet beter presteren; hij is geen medische behandeling.




